Aan de buitenkant boos, en aan de binnenkant…?

Herken je het volgende? Je kind:

  • is gauw boos
  • gaat schreeuwen
  • kan ook schoppen en slaan
  • is op zo’n moment niet bereikbaar
  • voelt zich na afloop naar en is verdrietig

En ben je nieuwsgierig wat er nou achter die boosheid schuilgaat? Lees dan verder!

Emoties en gevoelens achter het gedrag

Er zijn tal van zaken die aan de binnenkant van je kind spelen, maar die er aan de buitenkant uitzien als ‘boos’. Hieronder deze emoties en gevoelens op een rijtje:

  • Gefrustreerd. Bijvoorbeeld als je kind iets voor elkaar wil krijgen, maar het maar niet lukt
  • Machteloos. Wanneer je kind zich onbegrepen voelt en wanneer anderen niet doen wat hij/zij graag wil
  • Verdrietig. Over iets dat zo naar is, dat je kind liever boos is, want dan voelt hij het verdriet niet
  • Verontwaardigd. Over iets ergs dat er gebeurt, je kind wil de ander helpen of opkomen voor die ander
  • Drift. Wanneer je kind een gebrek heeft aan impulscontrole. Je kind wil het meteen en heeft geen geduld
  • Woedend. Er zijn twee vormen van woede: koude woede en warme woede. Bij koude woede is het hart als het ware kil, en je kind wil de ander net zoveel pijn doen als hij/zij heeft. Bij warme woede is je kind heel erg geschrokken en van de schrik doet hij/zij een ander pijn
  • Alle andere ‘–loosjes’. Je kind voelt zich naar en wil dat niet voelen. Bijvoorbeeld: waardeloos, hulpeloos, moedeloos, hopeloos
  • Alle andere emoties. Je kind voelt zich naar en wil dat niet voelen. Bijvoorbeeld: alleen, eenzaam, bang, teleurgesteld, rot, ongelukkig.

Hoe je je kind uit de boosheid kan halen

En dan wil je nu vast ook graag weten hoe je je kind uit de boosheid kan halen? Dit kan met het toepassen van het volgende: Erkenning geven, Troosten en naar de Realiteit gaan. Afgekort: ETR.

Vaak is het zo dat ouders hun kind snel ‘terug’ willen halen naar de realiteit: ‘Nee, het kan niet altijd gaan zoals jij wil’, ‘Niet zeuren, gewoon even doorzetten’. Daarmee worden twee belangrijke stappen overgeslagen, die van erkenning geven en troosten.

Hieronder de drie stappen uitgewerkt:

  1. Benoem wat je bij je kind ziet, zonder hier een oordeel over te hebben. Bijvoorbeeld: ‘Ik zie dat iets je erg boos maakt. Het is ook niet leuk dat dit nu gebeurd, dat snap ik. Geen wonder dat je dan boos doet’. Dit doe je net zolang tot je kind weer rustig is. Hiermee geef je erkenning om wat hij of zij doormaakt en voelt en heeft je kind het gevoel dat je hem/haar begrijpt.
  2. Daarna ga je over naar het troosten, bijvoorbeeld: ‘Het is natuurlijk niet fijn als iets niet gaat zoals jij graag zou willen. Wat vervelend dat je je nu zo naar voelt.’
  3. Vervolgens naar de realiteit, bijvoorbeeld: ‘We doen het deze keer zo, een andere keer kan het weer gaan zoals jij dat wil’.

Erkenning geven en troosten doe je zolang als nodig is, de realiteit zeg je één keer. Wanneer je kind weer terug in de realiteit is en je merkt dat hij/zij rustig is en je kind staat ervoor open, kan je een gesprek aangaan over wat maakte dat hij/zij zo boos deed. Hiermee kan je ook de hierboven staande lijst met gevoelens gebruiken om erachter te komen welk gevoel er bij je kind achter de boosheid zit. Hiermee help je je kind ook weer om zichzelf beter te begrijpen en toon je aan je kind dat jij hem/haar ook wil begrijpen. Win-win dus!

Nu ben ik benieuwd… Herken je (één van) deze emoties bij je kind? Je mag je reactie geven in het reactieveld. Alvast bedankt!

Genoten van mijn blog? Like mijn pagina op Facebook en deel mijn blog met je vrienden 🙂